Pijn & hoop: twintig jaar na de genocide in Rwanda

Afgelopen zondag herdachten we de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog en de dag erna vierden we de vrijheid. Op de één of andere manier beleefde ik het dit jaar anders. Misschien dat het komt doordat ik om de hoek werk van het nieuwe Theater Amsterdam, speciaal gebouwd voor een nieuwe theatervoorstelling over Anne Frank (gisteren in première gegaan). Ik heb al vaak gedacht als ik er weer eens langs fietste: “Ze had eens moeten weten hoeveel impact haar woorden zouden hebben”. Haar dagboek is in hoe weet ik niet veel talen te lezen, het huis waarin ze ondergedoken zat met haar familie is een museum geworden waar met regelmaat lange rijen mensen voor in de rij staan, en er is dus een speciaal theater gebouwd om haar verhaal over te brengen (naast de vele film- en theateradaptaties die er al zijn geweest). Ontzettend bijzonder. Haar verhaal heeft vele mensen geïnspireerd en iedereen denkt op 4 en 5 mei: Dit nooit weer. Het nare is dat dit niet de laatste genocide was.

Precies 20 jaar geleden vond er een genocide plaats in het Oost-Afrikaanse land Rwanda, een land wat bijna net zo groot is als Nederland. In drie maanden tijd (april t/m juli 1994) werden bijna 1 miljoen mensen, voornamelijk Tutsi’s en gematigde Hutu’s, vermoord. Daarnaast zijn er naar schatting tussen de 250.000 en 500.000 vrouwen en mannen slachtoffer geworden van seksueel geweld. Als je er bij stil staat is het gewoon niet te bevatten: 1 miljoen mensen in drie maanden tijd… Dat zijn 333.333 mensen per maand, 83.333 mensen per week, bijna 12.000 mensen per dag en 500 per uur.

Ik ga proberen kort de aanleiding van de genocide te beschrijven, maar mocht je meer willen weten dan raad ik je aan de lijst hieronder te raadplegen. Mijn uitleg is wat dat betreft veel te kort en het zit allemaal ingewikkelder in elkaar dan ik hier beschrijf, maar daarvoor zou ik een heel boek nodig hebben. Ik heb voor deze blog vooral gebruik gemaakt van het boek “De mannen die mij hebben vermoord”, geredigeerd door Anne-Marie de Brouwer en Sandra Ka Hon Chu. Het boek bevat 17 getuigenissen en portretten van overlevenden van seksueel geweld tijdens de genocide. En niet onbelangrijk: de auteursopbrengsten gaan naar Stichting Mukomeze, een Nederlandse stichting die zich inzet voor vrouwelijke overlevenden van seksueel geweld tijdens de genocide door ze op allerlei facetten te ondersteunen. Ik heb zelf een aantal maanden stage gelopen voor deze stichting en het werk dat ze doen is fantastisch. Ze werken samen met een partnerorganisatie, Solace Ministries, en de bestuursleden die deze stichting runnen doen het allemaal in hun vrije tijd. Ook doen ze er alles aan om nagenoeg 100% van het gedoneerde geld ook écht aan de vrouwen te doneren, hetzij via projecten, sponsorschappen en op andere manieren.

Het belangrijkste ingrediënt voor de genocide was het onderscheid dat werd gemaakt tussen Hutu’s en Tutsi’s. Aan het begin van de 20e eeuw werd Rwanda gekolonialiseerd door België en de Belgen waardeerden de Tutsi’s meer (al heb ik ergens gelezen dat de vijandigheid tussen Hutu’s en Tutsi’s er al was voor de kolonialisering, maar ik weet niet of dat echt zo is). Eén van de redenen was dat de Tutsi’s een mooier uiterlijk zouden hebben (lichtere huid, dunner) en meer op Europeanen zouden lijken dan Hutu’s. Het gevolg hiervan was dat de Tutsi’s bevooroordeeld werden en dat zij daardoor bijvoorbeeld betere banen krijgen. Ook werden er rond 1930 identiteitskaarten geïntroduceerd, die het uiteindelijk makkelijker maakten voor de daders om Tutsi’s te identificeren. Dit in combinatie met propaganda via bijvoorbeeld radiostations, maar nog veel meer andere factoren droegen bij aan het idee dat Hutu’s en Tutsi’s twee verschillende groepen waren. In de decennia die volgden zijn er verschillende bloedige conflicten geweest en de directe aanleiding van de genocide was dat het vliegtuig van de toenmalige Rwandese president Habyarimana werd neergeschoten. Tot op de dag van vandaag is het onduidelijk wie dat heeft gedaan, maar het zou iedereen geweest kunnen zijn. Wie het ook was of waren, het was voor Hutu milities een reden om hun genocide te beginnen. Deze genocide was namelijk al lang in voorbereiding en zelfs de VN was hiervan op de hoogte. Er waren verschillende executielijsten met namen van Tutsi’s en gematigde Hutu’s in omloop. Seksueel geweld was een wapen dat bewust en systematisch werd gebruikt tegen voornamelijk Tutsi vrouwen. Leeftijd speelde daarbij geen enkele rol: vrouwen en meisjes van alle leeftijden (ook zwangere vrouwen) werden vaak publiekelijk maar ook in andere settingen verkracht. Daarnaast werden vrouwen blootgesteld aan verminking, gedwongen incest, gedwongen uithuwelijking, seksuele slavernij, groepsverkrachting, amputatie van borsten, vagina en billen en van amputatie ‘typische’ Tutsi kenmerken zoals kleine neuzen en lange vingers. Dat Tutsi vrouwen zoveel seksueel geweld moesten verduren hadden ze te ‘danken’ aan de vele uitingen van propaganda, waardoor ze neer werden gezet als vrouwen die neerkeken op Hutu mannen. Seksueel geweld was een manier van overheersing en onderwerping. Daarnaast hebben hiv-positieve verkrachters bewust dit virus verspreid, omdat dit voor een langzame dood zou zorgen.

Zoals ik al eerder al heb ik stage gelopen bij Stichting Mukomeze. Door m’n stage heb ik de kans gekregen om meer te leren over wat er toen is gebeurd en de genocide, het seksuele geweld en alles eromheen heeft me diep geraakt. De directe aanleiding dat ik deze blog schrijf is vanwege een blogserie die ik volg van Nicole Lim, die na iets traumatisch te hebben meegemaakt besloot dat het tijd was voor een sabbatical. Ze greep de kans aan om op pelgrimsreis te gaan door Oeganda en Rwanda langs plaatsen van immense pijn en hoop. Dit is wat ze ervaarde:

There, I experienced so much beauty as the juxtaposition of pain and hope became an embodied reality. I found immense healing in listening to the stories of utter grief blossoming into joy, betrayal into faithfulness and death into life.

In de zesdelige blogserie “On Pilgrimage” beschrijft Nikole een aantal bijzondere verhalen die het meeste impact op haar hebben gehad, gecombineerd met foto’s die ze heeft gemaakt. In haar “Artist Statement” zegt ze er dit over:

As a photographer and activist, this series is the medium for telling my story—my story of identifying with both the oppressed and oppressor. On pilgrimage, I’ve learned that experiencing the brokenness of the world leads to a greater sense of internal healing. As I’ve begun to find healing in these paradoxical stories, my hope is that together we will begin to recognize the hope present in our situations of pain. Through it, may a new journey commence—a journey intent on healing the brokenness of the world.

Ze heeft inmiddels vijf van de zes delen geschreven en het zijn bijzondere en heftige verhalen. Zo heeft ze bijvoorbeeld een kerk bezocht, waar veel Tutsi’s zijn gedood. Veel mensen dachten tijdens de genocide veilig te zijn in kerken, maar dit was voor de Interahamwe (Hutu-militie groepering van extremistische Hutu’s) een eenvoudige manier om in korte tijd veel Tutsi’s te kunnen vermoorden. Ik zat in de trein toen ik dit verhaal las en ik kon m’n tranen bijna niet bedwingen. Wat er is gebeurd tijdens de genocide is gewoon niet te bevatten: het is zo groot. Tegelijkertijd vertelt ze ook een verhaal over verzoening tussen een dader en een slachtoffer. Dát is het bijzondere aan deze blogserie: het gaat over pijn, maar ook over hoop. Die twee verhalen kunnen allebei naast elkaar bestaan. Want natuurlijk is het verschrikkelijk wat er is gebeurd. Het is iets waar ik nog steeds heel erg verdrietig van kan worden, maar als ik tegelijkertijd lees over twee mensen die de moed hebben elkaar weer te vertrouwen dan word ik daar hoopvol van. Lees daarom de blogserie “On Pilgrimage” van Nikole Lim. Allereerst omdat het belangrijk is om te weten en om kennis van te nemen. Deze genocide heeft namelijk veel overeenkomsten met de Tweede Wereldoorlog: het wij-versus-zij-denken speelde bijvoorbeeld een enorm belangrijke rol in de (lange) aanloop ernaar toe. Ten tweede omdat het iets laat zien van de enorme veerkracht waar mensen over beschikken, wat ons weer kan inspireren en hoop kan geven. Maar bovenal moeten we ook de slachtoffers van deze verschrikkelijke genocide niet vergeten en de mensen die het overleefd hebben blijven steunen en naast ze blijven staan…

Wil je iets doen na het lezen van deze blog?

Lees de zesdelige blogserie “On Pilgrimage” van Nikole Lim (Artist Statement, Deel 1, Deel 2, Deel 3, Deel 4, Deel 5, Deel 6).

Doneer geld aan Stichting Mukomeze, die zich inzetten voor overlevenden van seksueel geweld.

Kijk één of meerdere van de volgende films/documentaires:

  • Shaking Hands with the Devil (2007)
  • A Sunday in Kigali (2006)
  • Shooting Dogs (2005)

Koop het boek “De mannen die mij hebben vermoord”, met 17 getuigenissen van overlevenden van seksueel geweld.

Lees één of meerdere van de volgende boeken:

  • Shake Hands with the Devil: The Failure of Humanity in Rwanda. Roméo Dallaire.
  • Beauty from Ashes: Journeys of Recovery from the Rwandan Genocide. Callum Henderson.
  • Left to Tell: Discovering God Amidst the Rwandan Holocaust. Immaculee Ilibagiza
Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s